Vlieg op!

Samen treinen is leuker dan alleen. Een grote opgezette vogel parkeerde ik op de stoel naast me en keek naar buiten, naar hoe het landschap voorbij flitste. De rest van de coupé had weinig interesse voor wat er buiten gebeurde…  verbouwereerd staarden mensen me aan en ik knikte vriendelijk terug. Maar ik ben zeker geen trendsetter wat vogels in de trein betreft.

Thalys-treinen begonnen met snelheden van 300 kilometer per uur te concurreren met de vervuilende luchtvaart. De campagne over de voordelen van de hogesnelheidstrein werd uitgebeeld door ooievaars, ganzen en kraanvogels. Trekvogels die de trein nemen, met de pakkende tekst: “Waarom nog vliegen?”.
Jaren geleden scheurde ik de advertentie uit een tijdschrift en plakte hem op mijn deur, want naast dat ‘ie simpelweg geniaal is, heeft de reclame een evolutionair interessante vraag in zich. “Waarom eigenlijk?”
Vleugels kunnen bijzondere dingen. De Noordse stern vliegt hiermee in 40 dagen een indrukwekkende 24.000 kilometer, van Antarctica naar Groenland, maar neemt pauzes en eet onderweg. De Rosse Grutto daarentegen heeft geen stoptreinprincipe en vliegt in één ruk van Alaska naar Nieuw-Zeeland. Maar liefst 11.000 kilometer zonder te stoppen in slechts acht dagen. Sneltreinvaart!
Toch zijn er ook vogels die gedurende hun evolutie dit vliegvermogen verloren. Van meters hoge moa’s tot die vreemde duiven op Mauritius: de iconische dodo. Want wat moet je met vleugels op een klein eiland zonder roofdieren? De ontwikkeling van sterke vleugels en vleugelspieren kost veel energie, en stapje voor stapje werd dit steeds een beetje minder. Use it or lose it. Waarom een auto kopen als je er niet in rijdt? Dat geld kan beter besteed worden, en zo werkt dat ook op energieniveau.
“Volgend station: Schiphol”, overstappen! Met de vogel in een tas haast ik me naar het volgende perron. Waarom traplopen als je stil kan staan op de roltrap? Die drang tot evolutionaire energiezuinigheid wordt me opnieuw pijnlijk duidelijk. Wat ooit bedoeld was om snéller omhoog te komen, veroorzaakt nu wachtrijen, met een lege trap ernaast. Ik ren de trap op. Want als ik de roltrap neem, neem ik ‘m voor het leuk andersom: als een dodo die wanhopig probeert te vliegen.
Ik kwam veilig in Leiden met mijn vogel. Maar er zijn dan ook geen roofdieren in de trein. Een trein vol vogels… ging evolutie maar iets sneller. Wie weet wordt er dan naast ‘#vertraging’ nog eens écht getwitterd in de trein.
Auke-Florian Hiemstra
Gepubliceerd op 11 december 2013
© copyright “Leidsch Dagblad”