De dag dat ik een walvis highfivede

Misschien omdat ik de langste van de klas was en van zwemmen hield, precies waarom weet ik niet, maar op een dag – lang geleden – werd de walvis mijn lievelingsdier. Zo groot en imposant, maar tegelijk kwetsbaar en mysterieus: wauw. Afgelopen zomer bij IJsland zag ik walvissen in het wild. De foto hangt naast m’n bed: een groep bultruggen zwemmend naast het schip waarop ik in een “I’m the king of the world” titanic-pose  voorop de boeg, de gelukkigste jongen van de oceaan was. Met zo’n foto is het zelfs voor een avondmens fijn wakker worden.

Een ochtend in het laboratorium begint met de “goedemorgen”-highfive van mijn practicumpartner Jorien – wat de dag officieel inluidt. Deels om nog eens wakker te worden, deels omdat het super leuk is om te highfiven. Maar wat begon als een normale ochtend eindigde het gebouw uitsluipend, toen we hoorden dat ‘s middags in Naturalis aan de gestrande bultrug gewerkt zou worden. Geen college kan op tegen een walvis.
Zeventig miljoen jaar geleden woog het zwaarste zoogdier even veel als onze huiskat: niet te vergelijken met walvissen, de huidige recordhouders. Bultrug Johanna werd meer dan 10 meter lang en woog maar liefst 16000 kilo.
Australische wetenschappers ontdekten dat ‘groter worden’ evolutionair niet zo snel gaat, omdat er veel meer bij komt kijken dan wat extra botten en spieren. Een groter lichaam vraagt om een enorme interne herontwikkeling: hart, spijsvertering, eetgewoontes. Het duurt dan ook wel 1,6 miljoen generaties tot een schaap de grootte van een olifant heeft bereikt. Opvallend genoeg is de weg terug vrij eenvoudig: in slechts 100.000 generaties heeft het tot een olifant opgezwollen schaap weer z’n eigen vertrouwde formaat. Zoals het budget van een student: het wordt sneller minder dan meer. Alleen hebben we het dan niet over generaties: één avond kan al flinke sporen achter laten: van studiefinanciering-olifant tot euroshopper-schaap.
Walvissen zijn een uitzondering op deze regel. Omdat ze zwemmen hoeven de vinnen hun gewicht niet te dragen en kunnen ze evolutionair twee keer zo snel groeien. Dit verklaart hun ongelofelijke grootte.
Jorien en ik hebben een hele tijd naar Johanna gekeken. Zo dichtbij zou ik een van mijn helden niet snel meer zien. Het was nu óf nooit dus greep ik mijn kans… ik highfivede een walvis! Já, een high five, want ook een walvis heeft vijf vingers, net als onze huiskat…
Maar die wordt liever geaaid.
Een échte bioloog herken je aan z’n paperclips.
Auke-Florian Hiemstra
Gepubliceerd op 27 maart 2013
© copyright “Leidsch Dagblad”